Antwoorden op vragen - 2008
Datum:
14 februari 2008
Download: Dit antwoord in pdf-formaat
Vraag:
Kan Herculesfinanciering gebruikt worden om de verdere uitbouw van een bestaande databank te subsidiëren?
Antwoord:
Een voorbeeld van een aanvraag m.b.t. de constructie van een databank
Kan in het kader van het Herculesmechanisme op ontvankelijke wijze een aanvraag tot subsidiëring van de verdere uitbouw van een bestaande databank voor onderzoek in de humane wetenschappen ingediend worden?
Op grond van de redenering ontwikkeld in punt 1) van de notitie “Herculesfinanciering en databanken” is het antwoord op deze vraag positief. Herculesfinanciering kan gebruikt worden om reeds bestaande onderzoeksinfrastructuur te vernieuwen of uit te breiden. Onderzoeksinfrastructuur wordt in zowel het Aanvullingsdecreet als het Herculesbesluit ruim gedefinieerd. Databanken worden expliciet opgesomd als een voorbeeld van onderzoeksinfrastructuur. De verdere uitbouw van een reeds bestaande onderzoeksdatabank valt dus onder subsidieerbare onderzoeksinfrastructuur.
Twee punten verdienen hierbij nadere toelichting:
1) Onder welke kostencategorieën in het aanvraagformulier moeten de kosten voor de verdere uitbouw van zo’n bestaande databank ondergebracht worden?
Twee mogelijkheden dienen zich aan:
- De aanvrager is van plan om zelf de verdere uitbouw te doen. Wanneer de databank bijvoorbeeld bestaat uit gedigitaliseerde kleitabletten, is de aanvrager van plan om het digitaliseren van een nieuw verworven collectie kleitabletten zelf uit te voeren, of wanneer ze bestaat uit sociologisch onderzoeksmateriaal, is hij van plan om de benodigde data zelf te vergaren via bijkomende enquêtering. In deze gevallen zullen de kosten voor verdere uitbouw vallen onder enerzijds de categorie kosten voor wetenschappelijke investeringen, meerbepaald kosten voor onderdelen voor de constructie van de beoogde onderzoeksinfrastructuur (bijvoorbeeld digitaliseringsmateriaal), en anderzijds onder de categorie personeelskosten voor de ontwikkeling en constructie van de onderzoeksinfrastructuur (bijvoorbeeld het personeel nodig om de kleitabletten te digitaliseren of de enquêtes af te nemen).
- De aanvrager is van plan om de verdere uitbouw uit te besteden aan een derde partij. Wanneer de databank bijvoorbeeld bestaat uit sociologisch onderzoeksmateriaal, is de aanvrager van plan om de benodigde data te vergaren via gunning van een overheidsopdracht van de enquêtering aan een privaat enquêtebureau. In dit geval zullen de kosten voor de verdere uitbouw alleen vallen onder de categorie kosten voor wetenschappelijke investeringen, meerbepaald kosten voor onderdelen voor de constructie van de beoogde onderzoeksinfrastructuur.
2) In het aanvraagformulier wordt vereist om minstens één prijsofferte toe te voegen voor de (onderdelen van de) aan te kopen onderzoeksinfrastructuur. Hoe moet deze vereiste toegepast worden indien de verdere uitbouw van de databank via gunning van een overheidsopdracht uitbesteed wordt aan een derde partij?
In dit geval is er op het ogenblik van de indiening van de aanvraag tot subsidiëring door het Herculesmechanisme nog geen prijsofferte voorhanden. De prijsoffertes zullen immers pas ter beschikking komen nadat de gunning van een overheidsopdracht op lastenboek is uitgeschreven en geïnteresseerde kandidaat-opdrachtnemers een offerte hebben ingediend. In dit geval is het voldoende om aan de vereiste om minstens één prijsofferte toe te voegen te voldoen, dat de aanvrager de factuur van de vorige uitbestede enquêtering ten behoeve van dezelfde databank aan zijn aanvraagdossier toevoegt. De bedoeling van deze vereiste is immers om de realiteit van de kosten waarvoor subsidie wordt aangevraagd te garanderen. In geval van een gunning van overheidsopdracht na toekenning van subsidiëring door de Herculesstichting volstaat de toevoeging van de factuur van de vorige enquêtering ter staving van begrote kosten om deze bedoeling gestand te doen.